Duits: kein, auch, ich,…
Berlijns: keen, ooch, ick,…
Nederlands: geen, ook, ik,…
=> Conclusie: Duits Berlijns leren!
Icke & Er – Keen Hawaii
Ick sa ema so, wa ?
In janz Berlin is det, sauber und leer,
sachma jibt et hier jarkeene leute mehr ?
Ick habe nüscht viel an un trage eine Sonnenbrille,
alle sind im Urlaub ick bleib in Spandau und ick chille.
Ick versteh die Leute nischt, et is die beste zeit,
et is in Berlin am jeilsten, wenn die Sonne scheint.
Die Trullas tragen Bauchfrei un lachen wie bestusst,
alle sin jut drauf und keine Sau fährt Bus
(wa oder wat ? da bleib ick doch hier oder wat ? wat soll ickn da weg ?)
Ick brauch keen Hawaii,
denn det jefällt mia hier.
Ick bleib in Berlin,
Berlin is mein Revier.
Ick brauch keen Hawaii,
denn det jefällt mia hier.
Ick bleib in Berlin,
Berlin is mein Revier.
Det sa ick dir.
Ick habe mir sa ick ma alles selber ausjesucht.
Ick bleib einfach ma zu hause ick hab keen Flug jebucht.
Die janzen andern Leute rennen jetze in det Reisebüro,
un denken sich; nur am andern Ende der Welt werde ick froh.
Kik ick mir en paar Kokos, Kokos-Nüsse an ja,
un dann im Dezember im Büro erinner ick ma wieder dran.
Det is Kokolores, det gloobt ihr doch selba nischt,
Die Erinnerung an etwas dat wissta doch, dat hällt nischt.
(Das is Wissenschaftlich erwiesen ja ? Dat hält nie lange vor!)
Ick brauch keen Hawaii,
denn det jefällt mia hier.
Ick bleib in Berlin,
Berlin is mein Revier.
Ick brauch keen Hawaii,
denn det jefällt mia hier.
Ick bleib in Berlin,
Berlin is mein Revier.
Det sa ick dir.
Det sa ick dir.
In Spandau jebt et keene Skopione
und keene ukrainischen taxifahr Spione
it jebt och übrigens keine Malaria
n Herrengedeck ne Robra
dit is ja wohl mal klar
Hier,hier kenn ick ma aus hier muss ick niemanden fragn,
da kann man dat janze Jefrage sparn.
Die janzen andern Atzen sitzn jetze am Ballermann,
un kiken sich mit andern Berlinern die Bundesliga an ja.
Un die Reva auf Ibiza die haun sisch Pilln rein.
Det is ja ma nisch nötisch, dafür musste ja nisch verreisn.
Det kannste dir och alles zu Hause jebn,
mit besseren Preisen un korrekteren Kollegn.
(Ja denk da ma drüber nach !)
Ick brauch keen Hawaii,
denn det jefällt mia hier.
Ick bleib in Berlin,
Berlin is mein Revier.
Ick brauch keen Hawaii,
denn det jefällt mia hier.
Ick bleib in Berlin,
Berlin is mein Revier.
Det sa ick dir.
Det sa ick dir.
(Bier oder was isse jetze los ?
Wie wat, schon wieder in Urlaub ?
Schon wieder Koffer packen wat ?)
Ick brauch keen Hawaii,
denn det jefällt mia hier.
Ick bleib in Berlin,
Berlin is mein Revier.
Ick brauch keen Hawaii,
denn det jefällt mia hier.
Ick bleib in Berlin,
Berlin is mein Revier.
Det sa ick dir.
Det sa ick dir.

Zoals jullie waarschijnlijk al gemerkt hebben, heb ik deze blog een beetje aangepast om jullie volledig te kunnen laten meegenieten van mijn verblijfje in Berlijn. Er is zelfs een nieuwe categorie bij! Ik vond het gewoon te egoïstisch om al die grappige Duitse woorden helemaal voor mezelf te houden, dus nu zullen jullie op regelmatige basis jullie Duitse woordenschat kennis kunnen uitbreiden. Ik vind over het algemeen dat deze stad zich beter in beelden dan in woorden laat uitleggen, dus misschien zal ik wat meer fotootjes uploaden en wat minder de postjes volbabbelen. We zullen wel zien. Ik heb niet zo extreem veel tijd vandaag, ik ben strakjes uitgenodigd op een feestje van een vriendin van Maria, mijn bevallige Spaanse huisgenote, maar ik wil jullie ook nog op de hoogte houden van de afgelopen dagen.
Die Heftklammer: 
Ok, dus, eindelijk het eerste blogberichtje live vanuit Berlijn (dit keer wel in dezelfde tijdszone). Ik ben hier ondertussen exact een week en heb al VEEL mensen, kantoren en deuren afgelopen om de meest misleidende informatie te krijgen en dan af en toe op een goede ziel te botsen die dan ineens veel meer blijkt te weten dan de personen wiens verantwoordelijkheid het eigenlijk is. Eigenlijk is er op dit moment nog niet veel in orde; ik ben wel al ingeschreven en heb er een soort slap bewijsje van, maar dat is het zo’n beetje. Ik ben al een stapje verder om een cursus duits te kunnen volgen, maar daar willen ze mij aan de fub niet mee helpen. De Humboldt universiteit ziet mij misschien graag komen, op voorwaarde dat ze nog plaatsen hebben voor ‘outsiders’. Ook bij de Technische universiteit bieden ze duits voor beginners aan, mar ik ben daarnet eens een kijkje gaan nemen en ik vond het een van de meest deprimerende gebouwen ooit én er hing zelfs een raar geurtje. Misschien niet bepaald de meeste maatstaven om de kwaliteit te garanderen, maar ook niet waanzinnig aangenaam. Ik zal dit eerste bericht al direct moeten onderbreken, want er moet nog geskyped worden!
Gegroet iedereen!
Na de verplichte groepsfoto’s werd het weer tijd om op de bus te wippen richting Arita. Kyushu, en vooral deze streek, is gekend voor zijn grandioze ceramieken potten. Diegenen die er de centjes voor over hadden (waaronder mezelve) mochten zelf plaatsnemen aan een pottenbakkerstafel en een poging wagen om iets nuttig (en indien mogelijk ook iets esthetisch verantwoord) uit de brok klei te forceren. Het was heel leuk en ontspannend om te doen, en we hebben toch allemaal iets kunnen maken dat voor servies door kon gaan. We mochten allemaal 1 item kiezen dat ze voor ons gingen bakken, kleuren en daarna naar ons gingen sturen. Ik kijk in ieder geval uit om voor het eerst noodles of ramen uit mijn eigen kommetje te kunnen smullen!



Hoi hoi,
Daarna gingen we naar het ouderlijk huis, dat verrassend groot was voor mijn idee van de japanse norm, om een kopje groene thee met まんじゅう (manjuu), een soort deegachtig koekje met rode bonen heimelijk verstopt in de binnenkant, te verorberen. Het klikte van in het begin al vrij goed zowel met de kindjes als met de oudjes. Ik ben wel volledig in de war met de pedagogiek van de japanners, want kinderen zijn ongetwijfeld de baas in huis, althans toch in het gezin waar ik verbleef. De moeder heeft nooit ingegrepen toen ze ruzie maakten over wie de sinterklaas (die ik als geschenkje had meegenomen) mocht opeten, of als ze een of andere gevaarlijke stunt aan het uitvoeren waren. In het algemeen lijkt niemand zich hier zorgen te maken dat kinderen zich hier zouden pijn doen, ondanks het feit dat mijn hart toch een paar keer heeft stil gestaan. In ieder geval, we hebben de hele namiddag een beetje rond gereden in de minivan van het gezin en hebben een paar mooie plekjes te zien gekregen. De autorit op zich was ook een openbaring, want blijkbaar zijn de schuifdeuren in Japan automatisch.
eeft op falen, en dat het hoe dan ook overheerlijk zal zijn en ge u waarschijnlijk zult overeten. Ik heb van een paar mensen vernomen dat hun maaltijden toch niet zo hemels waren, maar ik verzeker u: dat van ons was sterren waard! Een nietsvermoedende vis, groter dan het ellebeen van een normaalgeschapen Belg, lag in geen tijd in stukjes gehakt op ons bord te pronken in de vorm van overheerlijke sashimi. Het extra leuke aan uitgebreid Japans eten is dat er zoveel variatie is. Ge krijgt een bordje voor sashimi, een bordje voor de curry kip, een kommetje voor rijst, een kommetje voor de nabeschotel. Ge weet dat het een goede maaltijd is, als ge geen logica meer kunt vinden in het organiseren van de verschillende eetwaren. Eens de hoofdmaaltijd afgerond is, wordt ge nog verleid door thee of koffie, koekjes en als ge geluk hebt: haagen dazs-ijs!

mee naar huis gaven. Sommigen kregen hun kimono al meteen naar huis, maar mijn kaartje kwam overeen met een van de 8 kimono’s die nog tot 3u gingen gebruikt worden. Uiteraard had iedereen al een idee van zijn lievelingskimono’s, en ik was toch iets te nieuwsgierig om nog tot 3u te wachten vooraleer ik wist welke de mijne was. Tot mijn grote plezier kreeg ik de mooie paarse mee, die ik had mogen aandoen (zie foto). Toen ik uiteindelijk de kimono mee naar huis kreeg, had ik het gevoel dat de lieve vrouwtjes hun geluk niet te boven konden dat ze eindelijk iemand gevonden die groot genoeg was om hun reusachtige kimono te dragen. Ondertussen was een van de andere meisjes te weten gekomen vanwaar deze ongeloofwaardige vrijgevigheid vandaan kwam. Jullie moeten weten dat kimono’s ontzettend duur zijn hier. Zo goed als alle Japanse meisjes die een kimono dragen op hun afstudeerceremonie (dit is de gewoonte), huren die voor 1 dag en moeten daarvoor al zwaar in de portemonnee graven. Het feit dat wij er zomaar een gratis en voor niets gingen meekrijgen, deed heel veel wenkbrauwen fronsen en onze Japanse tutors waren zichtbaar toch een beetje jaloers, en ontzet dat zij nog nooit van weggeef kimono ceremonies hadden gehoord. Dus, de uitleg: de lieve vrouwtjes die ons hebben aangekleed en getrakteerd op de kimono’s behoren niet tot een organisatie, maar zijn gewoon een hoorde goedlachse vriendinnen die de kimono’s zelf gratis hebben gekregen van families die de kimono’s niet meer gebruikten en dus gedoneerd hebben.



Echt veel tijd om de talrijke bezienswaardigheden van Kyoto te beschrijven, heb ik niet. Maar jullie krijgen van mij wel deze foto kado! Morgen gaan we de Byodo in bezichtigen, en s avonds trekken we richting Osaka. Het gezelschap, de reis en de accomodatie vallen allemaal heel goed mee, alleen hadden we het wel prettig gevonden moest iemand ons gewaarschuwd hebben voor de onmenselijke hoeveelheid trappen in deze mooie stad! We hebben onze voetjes deze avond begrijpelijkerwijs in een onsen gedopt en hebben in ons avontuur om terug naar onze hostel (waar we per ongeluk naar blijven verwijzen als de kaikan) te geraken, zelfs een paar vlokjes sneeuw waargenomen, hihi. Twee belangrijke weetjes; In Servie duurt een huwelijksfeest standaard drie volle dagen, en in Thailand knorren varkens niet, maar ze zeggen wel oet! oet!
Ik ben veilig en wel teruggeraakt in Fukuoka, hoezee! Het was geen sinecure, aangezien de laatste bus op stapplaats zich ergens ver weg had verstopt ondergronds. Met dank aan drie dolle Duitsers zijn we nog net op de bus kunnen springen met een hartslag die onevenaarbaar hoog was. Wij hebben het vermoeden dat de busmensen het gewoon leuk vinden om westerlingen in het rond te zien spurten, en dat ze ons vanuit hun kantoortje met camera’s bespieden, want anders zouden ze ons geen twee keer misleidende informatie mededelen, toch? Camera’s zijn in Tokio trouwens overal aanwezig, zelfs in ons hostel. Toen ik gisteren mijn evaluatie over ons laatste (en goedkoopste) hostel in Tokio aan het invullen was, las ik dat de andere gasten daar meermaals last hadden gehad van “bedbugs”. Jekkes! Wij hebben het, denk ik, zonder vervelende beten overleefd, maar aan al diegenen die dit lezen; ga niet naar Khaosan Tokyo Annex Hostel!!! En ik ga in het vervolg toch iets nauwkeurigere de ratings en comments van de vorige gasten lezen, denk ik…






Ergens op mijn blog stond al te lezen dat ik eens een dagje in Fukuoka ben rondgeleid geweest op kosten van Japanners die van plan waren om een Japanse taalschool op te richten en daarvoor een beetje fotomateriaal nodig hadden.











Het is alweer een tijdje geleden dat ik nog eens iets gepost heb hier, maar geen nood: ik ben terug. Nog even van de gelegenheid gebruik maken om alle sponsors te bedanken om Jeroen naar hier te transporteren! Drie miljoen kussen worden virtueel jullie richting uitgestuurd. Het waren zonder twijfel de drie kortste weken uit mijn leven, maar ik ben heel blij dat ik mijn kleine champignon nog eens in levende lijve te zien hebben gekregen. Nu wordt het weer 3 maanden skypen geblazen, maar met thesis en blok-perikelen in België en massa’s afleiding aan deze kant van de wereld zou dat normaliter geen al te groot probleem meer mogen zijn!
Afgelopen weekend was het hier tijd voor het jaarlijkse festijn van Dontaku. Blijkbaar beroemd over heel Japan, en zelfs andere nationaliteiten komen speciaal voor dit evenement naar Fukuoka afgezakt. Er was een beetje verwarring tussen de studenten van JTW, want er is nog een ander bekend festival (festival betekent hier overigens iets anders dan hetgene waar wij het normaalgezien mee associëren; er is vaak een connectie met iets religieus of een natuurfenomeen en het komt er vooral op neer dat er heel veel mensen naar een plaats trekken om zich daar te goed te doen aan de festiviteiten temidden van een gigantisch aanbod eetkraampjes); ik herhaal: er is een ander bekend festival in het midden van juli waarbij een heel zwaar gevaarte de hele stad wordt rondgedragen. De toer start op een bedenkelijk vroeg uur, namelijk 3uur in de vroege ochtend en eindigt vermoedelijk wanneer iedereen er bij neer valt. Leuk weetje; er is een speciale outfit voor dit evenement dat qua onderstuk uit niet veel meer bestaat dan een sumokostuumpje en er is dus maw een groot aanbod aan blote japanse konten. (Alix gaat dus juist op tijd arriveren om dat fenomeen te aanschouwen en kan dus al beginnen blozen).
In een poging om een feestje te organiseren in de contrijen van de kaikan, is Fransman Benoît gaan onderhandelen met onwaarschijnlijk veel personeelsleden die blijkbaar een zegje hebben in het hebben en houden van de kaikan. Ze hebben hier een zaaltje tot hun beschikking dat voorzien is van audio en visio, en ook dagelijkse kaikan politie die ervoor zorgt dat niemand de aanbevolen decibelen ’s nachts overschrijdt. Daarom leek het heel logisch om het feestgeweld dat hier in het weekend plaatsvindt naar het meer geïsoleerd zaaltje te verhuizen, maar helaas pindakaas: dat vonden ze hier blijkbaar geen goed idee. Na aan zoveel mogelijk touwtjes getrokken te hebben was de uiteindelijke afspraak dat we met zen allen vanaf 20u het zaaltje mochten betrekken om er dan om 23u weer uit te moeten. Alcohol werd ook niet toegestaan, dus het was eigenlijk een toegeving die geen toegeving was. Er werd besloten om er toch het beste van te maken, dus werd iedereen uitgenodigd om een gerecht te maken uit zijn of haar land en dan intensief aan cultuur uitwisselen te gaan doen. De mannen van Laos kregen de prijs voor meest originele look (een soort gebladerte met daarin gehakt), de Zweed voor de beste imitatie van Ikea eten en de Belgen voor het minst representatief (italiaans getinte pasta en rijst zijn toch niet echt onze lokale specialiteiten, ni waar? 

Fase heimwee begint stilletjes aan in werking te schieten hier in het verre Fukuoka, en ondertussen ben ik toch wel al lang gescheiden van het vertrouwde België en de mooie dingen die ze herbergt. Boehoe! Geen nood, ik ben geen wrak en amuseer me hier nog goed, maar de zin om terug te keren is ondertussen op de deur komen kloppen. Is het daarom misschien dat ik deze week geobsedeerd was door de herinnering aan de lekkere hesperolletjes van Chez Suzy? Waarschijnlijk, maar ik dacht: ik probeer het gewoon even lekker zelf! Geen sinecure in het land dat de hesp nog moet ontdekken, nog nooit heeft gehoord van witloof en weigert om ovens te installeren in al haar keukens, maar ik heb er mij toch aan gewaagd en het experiment is al bij al vrij geslaagd.

In ieder geval: het was dikke leute daar aan het Japanse strand, waar we ons tentje (de helft van alle vertegenwoordigde tentjes) hebben opgezet. We zijn er in geslaagd om met ons vieren in een tweepersoonstentje te kruipen, geen sinecure! In ieder geval, het festivalletje was zeker de moeite waard. De beste act werd gebracht door een stelletje Japanners die voor de gelegenheid een Afrikaans pakje hadden aangedaan en zich volledig lieten gaan op hun djembé’s en consoorten. Een hoopje misplaatste spierbundels trachtte een poging te doen om de aandacht naar zichzelf te verplaatsen door op het podium een paar zelfadorerende dansjes te placeren, maar dat vergeten we graag.





Met spijt in het hart moet ik jullie mededelen dat mijn missie om niet naar de tandarts te moeten huppelen helaas gefaald is. Een tijd geleden besefte ik plots dat er een kolossaal gaatje in mijn tanden aan het blinken was dat er duidelijk mee aan het dreigen was om mijn hele tand en op zen minst een van haar buren volledig te ruïneren. Nog snel eventjes een maandje negeren zat er niet in, dus ben ik maar op zoek gegaan naar de tandarts met de beste reputatie. Ik heb netjes mijn eigen afspraak kunnen maken, maar zat toch met een bang hartje in het relatief kleine tandartsstoel. Ik zat er nog geen 2 seconden in, of de assistente zorgde al voor een afleidend filmpje, dat eerlijk gezegd wel extreem saai was (de protagonisten van het verhaal waren bloemen, bergen en gras) maar ik was desalniettemin onder de indruk. Daarna stuurden ze mij het röntgenfotohok in met een stoeltje dat deze keer wel echt op kinderhoogte gemonteerd stond, maar ook dat heb ik overleefd. Daarna begon het echte werk. Hij deed een algemene check en ging tand na tand af, gaf zijn professionele commentaar en de brave assistente noteerde het allemaal zorgvuldig in mijn allereerste Japans tandartsdossier. Ik viel bijna flauw want ongeveer de helft van mijn tanden werd niet goedgekeurd. Het pas was na mijn vertrek dat ik door had dat hij het ook vermeldde wanneer ik al een vulling had gehad (en dat zijn er tot mijn grote schaamte niet bepaald weinig). Toen begon hij over het overduidelijk grote gaatje te praten en hij zei: oh wacht even. (en toen kwam het). Hij nam zijn pillamp terug, stopte het voorzichtig in mijn mond en toen meende ik iets te horen dat op het geluid van een digitaal fototoestel leek. En, ja hoor! Welgeteld 5 seconden later kon ik mijn eigen gebit bewonderen op datzelfde schermpje waar de bloemen even daarvoor nog stonden. Ik was meteen overtuigd dat ik niet geen middeleeuwse foltertechnieken ging moeten ondergaan. Momenteel loop ik rond met een tijdelijke vulling, maar ik bereid mij al voor op de volgende fotoshoot deze donderdag, dat hopelijk meteen het laatste bezoekje zou moeten worden bij de aardige man.
Ik heb het nog niet officieel medegedeeld op mijn blog, maar het staat ondertussen vast dat ik er volgend jaar nog eens op uit trek! Deze keer is het wel zo goed als bij de deur en ga ik de Duitsers confronteren met mijn Belgische zelf als uitwisselingsstudent van het mooie Eramusproject. Sommige Japanners hebben mij hier al verteld dat ze heel erg op het Duitse volk leken, dus aan grote cultuur shocks moet ik mij al niet verwachten
Afgelopen weekend was het tijd voor de allerlaatste “studytrip” van deze editie van JTW. Een beetje triestig, onmogelijk om te geloven, maar ontzettend gezellig! De eerste activiteit van de tweedaagse trip was een hoopje modder omtoveren tot een heus rijstveld. Techniek: iedereen krijgt een ‘lap’ mini mini rijstplantjes. Dan wordt er een draad gespannen over het veld waar iedereen achter moet gaan staan. Op de draad zelf zijn markeringen aangebracht die duidelijk maken waar exact het plantje geplant moet worden. De bedoeling is dat de rijst zo symmetrisch mogelijk geplant wordt, zodat die aan het eind van de zomer makkelijk en efficiënt geoogst kan worden.
de pret niet echt van in om met de voeten in de modder te gaan ploeteren, en al helemaal niet toen bleek dat er ook nog bezoek was van een paar kikkertjes en spinnetjes. Uiteindelijk zijn we er allemaal in geslaagd om te overleven, het rijstveld incluis. Al onze activiteiten zijn zorgvuldig gedocumenteerd door een hoopje amateur fotografen wiens hobby blijkbaar bestaat uit een meute buitenlanders te vereeuwigen. (Wie weet in welke boekskes en brochure’kes worden we nog gepubliceerd!). Na deze zware zware (:p) activiteit, konden we aan het echte werk beginnen: de barbecue gesponsord door de hoorn des overvloeds. Een van de weinige situaties waar universiteiten hun studenten bijna doen verdrinken in de alcohol en vlees dat effectief vlees is in plaats van een hoopje vet. Na afloop was bewegen voor niemand een optie meer, en werd het tijd voor een collectief dutje in de bus. De volgende halte was de ryokan (het hotelletje waar we die nacht gingen verblijven). We werden daar opgewacht door een bende vriendelijke japannertjes en in de kamer blijkbaar ook door een dappere kakkerlak. (Hip hip hoera voor het regenseizoen!). Ik kon het uit nieuwsgierigheid niet laten om te zien wat er zou gebeuren als ik naar de receptie zou bellen om te laten weten dat we ongewenst bezoek hadden. In minder dan drie tellen stond de vrouw van de receptie aan onze deur, trok ze haar schoenen uit en ging ze het kansloze beestje te lijf. Ze excuseerde zich nog snel 3 miljoen keer en ging vervolgens weer naar de eerste verdieping. Nu weten we dus ook wat de meest gepaste handeling is in geval van kakkerlak. Back to basics op dat vlak. Moraal van het verhaal: ga nergens blootsvoets naartoe of ge zijt gezien!


